Het Rosie Project

Houd je van romans met een mix van humor, autisme en romantiek? Dan is Het Rosie Project het perfecte boek voor jou.

Don heeft autisme maar is zich daar nog niet van bewust. Hij is bevriend met Gene en zijn vrouw Claudia. Don heeft een missie: hij wil een relatie. Als wetenschapper gaat Don deze missie te lijf met een heuse vragenlijst. Deze 16 pagina’s tellende vragenlijst moet de perfecte echtgenote boven water krijgen.

Dat loopt niet helemaal soepeltjes en Gene gaat een handje helpen. Gene is een notoire vreemdganger maar Don ziet daar geen probleem in. Gene en Claudia hebben tenslotte een open huwelijk. De lezer merkt wel degelijk Claudia’s weerstand. Claudia neemt wraak en Gene krijgt het op z’n boterham. Letterlijk in dit geval. Iets met lunch & rode pepers. Dit is dan één van de momenten dat ik hardop heb gelachen tijdens het lezen. Sommige momenten zijn gewoon hilarisch.

Don zoekt dan een vrouw maar z’n grootste zoektocht is toch wel die naar zijn eigen emoties. In hoeverre wil en kan hij zijn gewoontes veranderen? Welke zijn helpend en welke juist belemmerend voor zijn geluk? Een boek met veel herkenning als je autisme hebt. En al is het echt een geromantiseerde verhaal, het is zeker de moeite waard.

Over de schrijver

Graeme Simsion (1965) is geboren in Australië, Aukland. Het Rosie Project is zijn debuut roman. Simsion is getrouwd met Anne Buist, een praktiserend psychiater en auteur van de misdaadreeks Natalie King.

Simsion heeft zes jaar aan het boek gewerkt, vooral omdat het boek in de eerste instantie als scenario is geschreven. Hij schreef het tijdens een studie scenario schrijven. Achter in het boek lees je hoe Het Klara Project (het scenario) zich ontwikkelde tot Het Rosie Project (de roman).

Graeme Simsion is pas later gaan schrijven. Voordat hij auteur werd, werkte hij als adviseur informatiesystemen en werkte hij in de wijndistributie. De wijnkennis laat hij zeker terugkomen bij Don. Die is een echte wijnkenner.

Het Rosie Project wordt vervolgd met Het Rosie Effect en Het Rosie resultaat. Ik heb genoten van dit eerste deel en ben snel begonnen aan Het Rosie Effect. Ik ben benieuwd.
Voor de prijs hoef je het niet te laten. Het Rosie Project koop je hier voor maar €12,99 of check de tweedehands voorraad

Klik hier voor meer reviews van boeken die autisme als thema hebben.

Als je mij nu ergens zou tegenkomen, dan zal niets je doen vermoeden dat ik de diagnose ‘autisme’ heb. Zo begint Pascal de inleiding van zijn boek Help, ik ben een autist!

Hij vertelt zijn verhaal chronologisch met geregeld een stap terug naar zijn kindertijd of terug naar een eerder beschreven situatie.
Zoals hij het zelf zegt, kun je het boek zien als ‘een innerlijke reis door het Land van Pascal, waarin andere wetten gelden, waar een andere vaste structuur bestaat en die je doet kennismaken met een ongekende honger naar kennis en vaardigheden’. Gaandeweg neemt hij je mee in zijn zoektocht. Naast de aandacht die hij vraagt voor specifieke onderwerpen, geeft hij na ieder hoofdstuk tips. Het boek is geschreven in de ik-vorm en Pascal heeft het geregeld over ‘deze jongen’ waarmee hij zichzelf bedoelt.

Ik was het al voor ik het wist

Pascal heeft de diagnose pas op latere leeftijd gekregen. Na verschillende andere labeltjes opgeplakt te hebben gekregen, krijgt hij uiteindelijk de diagnose Autisme. Het is dan 2013. Sinds de autismediagnose zijn er bij hem verschillende kwartjes gevallen en begrijpt hij zichzelf veel beter en besluit zelfs om voorrang te geven aan zijn relatie met Laura in plaats van aan betaald werk. Om maar een voorbeeld te noemen.

Talenten

Pascal kan zich goed vastbijten in iets. Het is een echt talent. Dat iets kan een baan zijn of een bepaalde klus. Maar ook het opzetten van het kerstdorp gaat gepaard met concentratie en focus. Stoor hem dan liever niet. Dit talent is net zo goed een valkuil en dat weet Pascal inmiddels als geen ander. Hij vertelt erover als hij het heeft over de verschillende functies die hij heeft gehad.

Om goed te functioneren heeft hij het nodig om gedrag van anderen te observeren, te duiden en te kopiëren. Hij is een kei in observeren geworden. Alles wat hij observeert, bewaart hij in een spreekwoordelijk laatje. Komt hij later een in situatie die hij herkent, dan opent hij een laatje waar de benodigde vaardigheden in opgeborgen zitten.

Niet voor iedere situatie is er een gevuld laatje zoals in een situatie met zijn stiefdochter. Pascal vermoedt dat ze met een gebroken hart thuis gaat komen. Hij is bewust op tijd thuis en zit al klaar met een kopje thee. Maar verder is het laatje leeg. Paniek, paniek, wat nu?

Naast observeren en focus heeft Pascal meer talenten zoals:

  • Zorgvuldig
  • Praktisch
  • Oplettend
  • Doelgericht
  • Zelfstandig
  • Consequent
  • Behulpzaam
  • Loyaal

Wat een mooi rijtje talenten! In het hoofdstuk ‘Pascals wandeling in de wereld van de gezondheidszorg’ Hij zegt hierover: Doordat ik alles controleer en structureer, scoor ik hoog op deze kwaliteit (Hij doelt hier op zorgvuldigheid). Ik vind ‘controle’ een noodzakelijke pijler in mijn leven én dus een kwaliteit om mijn leven in goede banen te krijgen en te houden.

Als lezer zie ik de zorgvuldigheid ook terug in de wens om het goede goed te doen. Tenminste zo interpreteer ik dat. Zo wil hij graag goed reageren en zat hij daarom klaar met een kopje thee voor zijn stiefdochter. Ook dat is zorgvuldigheid.

Een autist op het liefdespad

Relaties is een thema in het boek. De relatie met zijn ouders, zus en broer. Daarnaast zijn bevindingen op het liefdespad en de keuzes die hij hierin maakte. Pascal beschrijft het verloop van de liefdes relaties die geen succes waren en waarom het wel werkt met zijn vriendin Laura die ADHD heeft. Ook de vader-dochter relatie die hij heeft opgebouwd met zijn stiefdochter beschrijft hij.

Pascal vraagt in zijn boek ook aandacht voor behoeften van mensen met autisme. Hij schuwt daarbij niet om thema’s zoals sexualiteit te benoemen. Hij is daarbij expliciet en open, hij verwoordt zijn verhaal zonder plat te zijn.

Vertrouwen

Een ander thema in het boek is vertrouwen.

Hij beschrijft hoe er in relaties (kan ook een relatie met coach zijn) barstjes kunnen ontstaan die weer kunnen leiden tot een echte breuk. Door het boek heen komt zijn jeugd geregeld terug. Hij beschrijft hoe hij was als kind en hoe moeilijk het geweest moet zijn om hem te begeleiden tijdens het opgroeien. Hij noemt zichzelf ‘meester in manipulatie’.
Pascals vertrouwen wordt meerdere keren beschadigd en dat begint als kind al. Hij krijgt nooit geleerd hoe je hiermee omgaat. Pascal geeft de lezer dan ook de tip ‘Leer een kind met ASS te vergeven’. Had hij als kind leren vergeven, dan had zijn pubertijd (en daarmee het volwassen worden) er vast anders uitgezien.

over de auteurs

Tot slot

‘Help ik ben een autist’ is een ervaringsverhaal van een man en je herkent veel van de klassieke symptomen bij autisme. Denk aan prikkelgevoeligheid, sociale interacties die lastig zijn, hyperfocus en de behoefte aan rust, orde en structuur. De symptomen die je ziet bij vrouwen zijn vaak anders. Vrouwen hebben ook die behoefte aan rust, orde en structuur en zijn (vaak) ook prikkelgevoelig maar ze cammoufleren meer en lijken zich meer aan te passen dan mannen. Wil je meer lezen over hoe vrouwen hun autisme beleven? Lees dan deze recensie van Zondagsleven van Judith Visser. Wie weet is dat een boek voor jou.

Lees je graag in het Engels? Dan is ‘Help ik ben een autist’ te bestellen bij Amazon.co.uk. De Nederlandse versie bestel je gewoon via deze link: Help ik ben een autist, ik was het al voor ik het wist.

Via Instagram kom ik in contact met allerlei mooie mensen. Mensen zoals Leonie. Leonie heeft autisme en is ruim 22 jaar werkzaam in de gehandicaptenzorg. Eerst als woonbegeleider, daarna als bewegingsagoog.

De diagnose autisme

Na jaren zoeken, piekeren en therapie blijkt in februari 2020 dat er een verkeerde diagnose gesteld is en Leonie een Autisme Spectrum Stoornis (ASS) heeft. Nog steeds heeft Leonie er moeite mee om geassocieerd te worden met die verkeerde diagnose. En daarom noem ik die ook niet. Wetende dat vrouwen vaker eerst een verkeerde diagnose krijgen, vraag ik me meteen af hoeveel vrouwen hier hetzelfde instaan als Leonie. Je zult maar een diagnose krijgen waar je je zelf niet in herkent maar wel jarenlang gezien wordt als iemand met…. Nou ja vul maar in.

De diagnose autisme is in de eerste instantie wat onwennig voor Leonie maar ze verdiept zich in de vele aspecten van autisme en er vallen steeds meer puzzelstukjes op zijn plaats. Waarom ze anders is dan anderen, waarom ze in jaar jeugd niet genoeg voor zichzelf opkwam en waarom een fulltime baan niet bij haar past.

Het interview

Het leek Leonie wel prettig om de interviewvragen van tevoren te weten, dus die heb ik haar een paar dagen van tevoren gemaild. Wanneer we elkaar treffen bij de Oranje-rie Rosendeal in Arnhem (wat trouwens een geweldige locatie  is!) maak ik al snel kennis met één van haar kwaliteiten als ze vertelt van schrijven te houden. Ze kon het dan ook niet laten om de vragen op papier te beantwoorden. ‘Tja’, zegt ze dan schouderophalend ‘Dat ben ik’.
En ik denk dan: Wat mooi!

Het duurt even voordat we aan de vragen toe komen, want er valt genoeg te kletsen. Niet over koetjes en kalfjes, no way. Maar wel over de gehandicaptenzorg, waar we allebei al heel lang aan verbonden zijn. Zij dus als bewegingsagoog en ik als trainer voor de Academie voor Zelfstandigheid.

Op de eerste vraag ‘Wat zijn de kenmerken vanuit het autisme waar jij baat bij hebt in de uitvoering van je werk’ heeft Leonie als antwoord opgeschreven:

  • Ik ben geduldig met cliënten.
  • Elke cliënt is even belangrijk.
  • Ik observeer zowel cliënten als begeleiding en als mij iets opvalt, dan vraag ik ernaar waarom iets op een bepaalde manier gebeurt.
  • Ik analyseer, bij agressie bespreek ik altijd mijn eigen handelen en ga na wat ik eventueel anders zou kunnen doen.

Wat een mooie talenten zie ik hier in terug.

Geduldig, loyaal, observeren, analyseren en reflecteren.
Uit haar verhaal blijkt dat Leonie zich echt verbonden voelt met de cliënten. Of die zich nu makkelijk laten begeleiden of niet. Leonie houdt ervan, want dat maakt het vak van bewegingsagoog iedere dag anders.

Daar praten we nog even over door, want is iemand met autisme niet heel erg gebaat bij structuur en weinig veranderingen? Is het juist niet lastig om te schakelen voor iemand met autisme? Dat is dus niet altijd zo.
Leonie vertelt dat zij de rust en structuur haalt uit het dagelijks programma. De dag mag steeds anders ingevuld worden, als ze aan het begin van de dag maar helder krijgt wat zij te doen heeft die dag.

Zoals duidelijkheid over welke cliënten ze onder haar hoede gaat nemen en welke activiteiten er voor die cliënten op het programma staan. Is dat helder, dan is Leonie prima in staat het wisselende gedrag van de cliënten te begeleiden. Met cliënten naar buiten gaan om te wandelen en te fietsen is hierin toch wel favoriet.
Niet alleen vanwege de activiteit zelf maar ook vanwege het buiten zijn. Buiten zijn minder prikkels en buiten kan Leonie juist weer ontladen. Zo blijft ze in balans en kan ze haar werk goed doen.

Observeren

Wanneer we het hebben over het observeren benoemt ze 2 verschillende situaties.

  • Observeren van cliënten en inspelen op de situatie
  • Observeren van collega’s wanneer zij cliënten begeleiden.

Een bekende eigenschap die je vaak tegenkomt bij autisme is oog voor detail. En dat heeft Leonie ook. Dit komt goed van pas als ze cliënten observeert en door dat oog voor detail ziet zij veranderingen in mimiek en lichaamstaal  van de cliënt. Wanneer een cliënt spanning opbouwt, gebeurt dat om een reden. En wanneer een cliënt die spanning niet meer kan reguleren en dit uit door agressie, heeft dat dus ook een reden. Maar door tijdig op de signalen van cliënten te reageren, kun je agressief gedrag dus vaak voor zijn. Niet altijd, maar vaak wel.

Leonie kijkt dus ook hoe collega’s hun werk doen. Kijken naar elkaar en vragen stellen, daar leer je van is haar uitgangspunt.

Autisme heeft ook zijn lastige kanten in het werk. Neem nu een teamuitje. Leonie vindt de activiteit op zich vaak leuk maar de informele praatjes op zo’n dag dus helemaal niks! Ze heeft geen gesprekstof en vindt het lastig om mee te praten met onderwerpen waar anderen het over hebben.
Hetzelfde doet zich voor tijdens een vergadering. Ze heeft wel inbreng maar vaak te laat. Het onderwerp waar ze iets over wil zeggen is dan al afgerond. Grapjes die gemaakt worden kosten veel energie om die te analyseren en te duiden. En als de agendapunten door elkaar besproken worden, dan is haar concentratie binnen no time verdwenen.

Geconcentreerd of chagrijnig?

Leonie laat zich goed lezen. Dat wil zeggen dat als ze geconcentreerd is of ze doet vreselijk haar best om geconcentreerd te blijven, dan staat haar gezicht op standje chagrijnig. Wat ze dus helemaal niet is. Meestal hebben haar collega’s daar wel begrip voor, maar niet altijd. Dan is het wel even pittig.

Eén collega ziet haar juist eerder dan de rest. Die ziet aan haar gezicht wanneer het Leonie eigenlijk teveel is. Die stuurt haar dan gerust naar buiten om weer te ontladen en tot rust te komen.
Heeft Leonie haar overprikkeling in de gaten, dan onderneemt ze zelf actie ‘Ik loop even weg uit de drukte’. Zegt ze dan tegen haar collega en die weten dan dat ze een moment rust nodig heeft.

bewegingsagoog, autisme

Wie dus denkt dat mensen met autisme het best tot hun recht komen in de ICT of in een baan waar ze repeterend werk kunnen doen ‘omdat ze structuur nodig hebben en niet makkelijk kunnen schakelen’; tadaaaá….
Dat hoeft dus niet zo te zijn!
Iedereen kan werk doen wat hij of zij leuk vindt. Het is de kunst om van jezelf te leren kennen wat je nodig hebt en je weg hierin te vinden tijdens een studie of in je werk.

En last but not least een werkgever en een team die met je mee willen denken en die jou jezelf laten zijn. Dat vraagt dan wel openheid van jou. Vind je dat lastig? Ik help je er graag mee. Het is vaak een drempel die je over moet. Maar ben je die eenmaal over, dan valt er een belangrijke stressfactor weg: Je hoeft niet meer te doen alsof.

Diverse opleidingen

Denk je erover om in de gehandicaptenzorg te gaan werken? Onderzoek dan eens of de opleiding Maatschappelijke Zorg iets voor jou is. Je kunt de opleiding volgen bij een ROC bij jou in de buurt.
Lijkt het je wat om bewegingsagoog te worden? Kijk dan bij de opleiding CIOS. CIOS staat voor Centraal Instituut Opleiding Sportleiders. Met een CIOS diploma kun je ook doorstuderen aan de ALO, Academie voor Lichamelijke Opvoeding of Sportkunde.

3 Tips van Leonie

En overweeg je om een opleiding te gaan doen? Dit zijn de 3 tips van Leonie:

  1. Volg je hart, als je iets graag wil, dan zal het ook lukken. Misschien met wat obstakels, maar je kunt meer dan je denkt. Er zijn verschillende wegen die je naar je doel kunnen leiden. Geloof in groei, hoe groot of klein de stappen ook zijn. Subdoelen brengen je naar een doel dat je voor ogen hebt.
  2. Laat je vooral horen als je ergens tegenaan loopt en spreek je uit waar je ondersteuning in nodig hebt. Schroom niet om hulp in te schakelen, je hoeft het niet alleen te doen.
  3. Blijf vooral jezelf en ontwikkel je eigen authentieke manier van omgang met de doelgroep waar je mee wil gaan werken.

Als ik jouw verhaal ook mag vertellen, stuur me dan een mail. Zo groeit het aantal verhalen en kunnen we samen jongeren inspireren die nog op zoek zijn naar informatie.
Via dit contactformulier kun je je opgeven en ik neem snel contact met je op. Ik ben altijd op zoek naar verhalen van mensen met autisme die studeren of een beroep uitoefenen. Er kunnen wat mij betreft niet genoeg verhalen verteld worden. Voel je dus welkom.
Mocht je het eng vinden om geïnterviewd te worden, ik stuur je de vragen van tevoren per mail. Zodat je weet welke vragen ik ga stellen en je er eerst rustig over na kunt denken.

Tja, wat ís een Acquisitieregisseur eigenlijk en hoe word je dat?
Laatst las ik een stuk in de krant over studenten die enorm twijfelen aan zichzelf en aan hun opleiding. Ze stellen zichzelf vragen als ‘Waar doe ik het voor, leer ik wel genoeg en vind ik straks wel een baan?’

Ik denk dat dit niets nieuws is. Studeren in Coronatijd is bagger. En toch zal er een beter tijd aanbreken. Daar ben ik van overtuigd. De vragen die jongeren zichzelf stellen zijn van alle tijden, alleen komt dit nu zo veel in de media dat je bijna gaat denken dat het nieuw en niet te doen is. We leven inderdaad in een rare tijd. En ja, we krijgen we een bak ellende over ons heen. Lockdown, rellen, eenzaamheid en verrekt weinig goede voorbeelden.

En dan vraag ik me af: Als je geen mooie verhalen leest, geen goede voorbeelden krijgt, hoe kun je je dan een beeld vormen van een positieve toekomst?

Geen wonder dat je als jongere de moed in de schoen zinkt. Maar er zijn wel degelijk goede vooruitzichten. Als je kijkt naar eerdere nare perioden in de wereld, blijkt dat het daarna altijd weer beter gaat. En dat gaat deze keer ook gebeuren, ik heb er alle vertrouwen in. Opbouw na een nare periode biedt altijd weer nieuwe kansen. Ook voor jou!
En om te laten zien dat er mooie verhalen zijn ga ik in gesprek met volwassenen die ondanks of dankzij (dat verschilt) hun autisme een beroep hebben waar ze zich helemaal in thuis voelen.

Marguerite

Deze keer spreek ik met Marguerite en zij is acquisitieregisseur bij een bank.
Marguerite is 46 jaar, getrouwd en heeft 3 kinderen, waarvan één zoon autisme heeft. Marguerite heeft een niet aangeboren hersenletsel (NAH) en sinds 4 jaar weet ze dat ze autisme heeft.

Acquisitieregisseur???

Zelf heb ik nog nooit van het beroep acquisitieregisseur gehoord en alleen daarom al ben ik benieuwd. Marguerite vertelt:
‘Een acquisitieregisseur maakt berekeningen, plant afspraken in en ondersteund hypotheek adviseurs. Een ander woord voor acquisitie regisseur is hypotheekassistent. We hebben een team van hypotheekassistenten. Het team zorgt ervoor dat de hypotheekadviseurs hun werk goed kunnen doen’.

Het interview doen we via Teams en het valt me op dat op de wand achter haar een groot bedrijfslogo te zien is. Dus ik vraag haar waar ze haar werk doet.
Marguerite: ‘Ik werk  nu 11 maanden vanuit huis en ik vind het heerlijk dat thuiswerken. Ik bloei echt op. Mijn hobby is ballet en mijn werkruimte is makkelijk om te zetten naar een dansstudio waar ik samen met mijn dochter dans’. Ze voegt eraan toe: ‘Het logo dat je ziet staat op een banner en daarmee kan ik de dansruimte goed afbakenen van mijn werkruimte’.
En ik denk: Lekker praktisch!

Hoe Marguerite acquisitieregisseur werd

Ik ben dus benieuwd hoe Marguerite ertoe gekomen is om acquisitieregisseur te worden.
Ze antwoord: ‘Eigenlijk ben ik er in gerold. Ik heb Frans gestudeerd maar ben uiteindelijk gestopt met mijn opleiding omdat ik niet goed kon uitleggen waarom ik bepaalde grammatica gebruikte. Vlak nadat ik gestopt was gingen we verhuizen en ik wilde mijn brood verdienen. Via via hoorde ik van een vacature bij de bank en heb ik de stoute schoenen aangetrokken en gesolliciteerd. Gewoon op basis van mijn HAVO-diploma. Ik werd aangenomen op het Customer Contact Center en deed vooral telefonisch werk. Vervolgens heb ik allerlei bedrijfsopleidingen gedaan en ik ben inmiddels ook Autisme Ambassadeur binnen het bedrijf.

Voordelen van autisme

Marguerites autisme biedt allerlei voordelen bij het werk wat ze doet. Zo ziet ze snel structuur, kan zij snel vooruit denken en pakt dingen gestructureerd aan. Niet dat dit altijd makkelijk is maar het is wel belangrijk voor haar dus maakt ze van structuur aanbrengen een prioriteit.
Daarnaast vindt ze het heel erg leuk om te leren en om die vakkennis te delen met collega’s en klanten. Ze wordt regelmatig gebeld door een collega om te sparren over een vraagstuk. Maar ook daar moet ze alert zijn dat ze niet overvraagd wordt. Dan zou ze niet meer aan haar eigen werk toekomen en dat levert weer overprikkeling op.

Die prikkelgevoeligheid is bij het thuiswerken een stuk minder dan tijdens werken op kantoor. Marguerite weet wat ze nodig heeft en heeft dat ook bespreekbaar gemaakt. Op de bank wordt er gewerkt in een kantoortuin, wat niet bepaald prettig is voor Marguerite. Er wordt met haar meegedacht en daarom heeft ze een eigen plek, terwijl anderen allemaal een flexplek hebben. Haar eigen plek is afgebakend met een roomdevider waardoor haar gezichtslijn ingeperkt is en dus rustiger.

Schakeltijd & prikkels

Tweede aanpassing is dat er slechts één collega naast haar kan zitten en dat dit meestal dezelfde collega is. Het helpt allemaal om het aantal prikkels te minimaliseren. Marguerite heeft schakeltijd nodig en die verschilt per situatie. En sinds haar hersenoperatie is de prikkelgevoeligheid voor geluid verergerd. Zo heeft ze een hekel aan schelle geluiden. Haar danslerares zorgt ervoor dat de muziek niet te hard staat, want een toontje scheller doet Marguerite echt pijn aan haar oren. Zoó irritant!

Structuur

Om Marguerite nog prettiger te laten werken, is afgesproken dat zij alleen warm klantcontact heeft. Dat betekent dat de klant weet dat ze gebeld gaan worden en Marguerite kan zich dus voorbereiden op de vraag. Daarnaast heeft Marguerite ook een vaste structuur in de vragen die ze gaat stellen. Niet dat er nooit een onverwachte vraag voorbij komt, maar door de structuur is er al veel voorspelbaar. En dat is fijn!
De structuur van vragen heeft ze in een sjabloon verwerkt en zo heeft ze een handig hulpmiddel bij het stellen van de vragen én het rapporteren van het gesprek. Het sjabloon wordt inmiddels door meerdere collega’s gebruikt.

De voordelen van haar autisme levert niet alleen een fijne samenwerking op met collega’s maar ook complimenten van de skill coach. De bank werkt met zelfsturende teams die ondersteund door coaches. Die skill coach dus.
Voordat Marguerite prettig kan samenwerken is het belangrijk dat nieuwe collega’s de tijd nemen om haar te leren kennen.

Marguerite vertelt

Marguerite: ‘Een jaar of tien geleden kreeg ik een nieuwe collega die vond mij maar een rare. Tijdens een grote bijeenkomst van het werk ging ik helemaal vooraan zitten. Dat doe ik omdat ik dan minder afgeleid word en beter kan luisteren. Dat vond die collega raar’. Daarnaast kan ik rechtstreeks zijn in mijn communicatie naar collega’s. Dat komt dan bot over. Die nieuwe collega moest echt aan mij wennen en toen dat gebeurd was zag ze de top collega’.

‘Gun de ander een inkijk je in jezelf en de tijd om aan jou te wennen’ voegt Marguerite toe. Bijvoorbeeld door een presentatie over jezelf te geven tijdens één van de eerste vergaderingen die je hebt met je collega’s. Een presentatie waar je vertelt over je autisme, je kwaliteiten en wat je van je collega’s nodig hebt. En een stukje over ‘waar kun je mij voor vragen’. Lekker concreet en je collega’s weten meteen waar ze aan toe zijn.
Marguerite heeft op haar beurt ruimte en respect nodig van haar collega’s. Ruimte om zichzelf te mogen zijn en om aan te geven wat ze nodig heeft. Ze hoopt dan op de flexibiliteit van haar collega’s want wat ze vandaag nodig heeft kan anders zijn dan wat ze morgen nodig heeft. Tot nu toe gaat dat erg goed.

Op mijn vraag: ‘Hoe zorg jij goed voor jezelf zodat je werk en gezin kunt combineren, op zo’n manier dat je plezier houdt in je werk?’ gaf Marguerite als antwoord:

‘Ik heb een ambulant begeleidster die iedere week komt. Dit is geregeld vanuit de WMO. Daarnaast heb ik een thuishulp voor het huishouden. De ambulant begeleider is maar een appje weg en zo kan ik altijd even iets overleggen. Zij gaat mee naar de school van de kinderen maar bijvoorbeeld ook naar bijzondere afspraken zoals de kaakchirurg.
En ik heb een budgetcoach die me helpt met financiële zaken. De oudste kinderen zijn inmiddels de deur uit en het is thuis een stukje rustiger. We zijn nu op zoek naar een pup die we willen opleiden tot autisme hond’.

Als afsluiting wil Marguerite graag deze tip aan jongeren meegeven:
Probeer geen voorop gezet plan te maken om toe te werken naar een bepaald beroep. Stap voor stap kom je er wel.
Waar ik aan toe wil voegen:
Ga studeren wat je leuk vindt, ga dingen doen waar je blij van wordt, dan komt de volgende stap vanzelf.

Wat doet een acquisitieregisseur en hoe word je dat
Waar word jij blij van?

Wil je wat positiever naar de toekomst kunnen kijken als het gaat om beroepen of werk? Ga dan eens in gesprek met je ouders of de ouders van je vriend of vriendin. Vraag hen naar hun beroep en wat ze zoal gedaan hebben. Je zult zien dat er meer mogelijk is dan je denkt, dat je vaker hoort dat mensen ‘erin gerold’ zijn en dat ze op hun 20e geen idee hadden welk werk ze op hun …. (vul leeftijd in) zouden doen. Dus jij hoeft nu ook nog niet precies te weten wat je de rest van je leven gaat doen. Dat kan ook niet. Zoals Marguerite zegt: ‘Stap voor stap’.

Je hoeft het niet alleen te doen. Ik help je er graag mee. Een Talentenscan is één van de mogelijkheden. Wil je weten of ik jouw vraag kan beantwoorden? Neem contact op voor een vrijblijvend kennismakingsgesprek.

Kom je een beroep tegen waarvan je zegt ‘Dáár zou Joyce een blog over moeten schrijven!’
Of wil je weten of je een bepaald beroep kunt uitoefenen als je autisme hebt? Let me know! Dan ga ik op zoek naar iemand die ik kan interviewen.

Wist je dat je met autisme prima kunt werken in het basisonderwijs? Natasja vertelt erover. Lees hier de blog Autisme en leerkracht worden, kan dat wel?

Wil je JHob volgen via Facebook? Klik op deze link.

Het lijkt wel of ik autisme leef en adem. Dagelijks ben ik ermee bezig. Ik zie leden uit mijn gezin wel eens de wenkbrauwen fronsen. Vermoedelijk denken ze dan: ‘Daar gaat ze weer!’ Ik kan er niets aan doen. Het autistisch brein boeit mij nu eenmaal.

Henry

Deze fascinatie is begonnen met Henry. Ik kan zijn naam wel noemen, want als hij nog zou leven, zou hij nu tegen de 100 zijn. Henry heb ik leren kennen toen ik als eerste jaars leerling Z-verpleegkunde ging werken op een woning met mensen met een matig verstandelijke beperking. Toen werd dat nog geestelijk gehandicapt genoemd. Lang geleden dus.

Het gedrag van Henry boeide mij. Ik wilde weten waarom hij zich gedroeg zoals hij deed. Hij bezeerde zichzelf, was niet al te schoon op zichzelf (wat een understatement is) en bleef op een afstand van anderen. Behalve als hij naar bed ging. Dan legde hij zijn hand op je wang en vroeg hij om een kusje.
Als we met de groep gingen wandelen, dan liep hij minstens 3 meter achter de laatste aan. Op een dag was ik die laatste. En tot mijn verbazing pakte hij mijn hand en bleef minuten lang hand in hand lopen.
Waarom deed hij dat anders niet en nu wel?
Ik ben er nooit achter gekomen. Maar vanaf dat moment voelde ik wel een band met hem. Zijn ouders waren al wat ouder en ik bedacht me hoe moeilijk het moest zijn om een kind met autisme te hebben.

Het wonderbaarlijke voorval met de hond in de nacht

Waarom autisme mij zo boeit

Een jaar of wat later las ik het boek Het wonderbaarlijke voorval met de hond in de nacht van Mark Haddon. Echt geweldig. Je wordt meegenomen in de gedachten en overwegingen van Christopher die gefascineerd is door detectives. Het is een grappig en droevig boek tegelijk. Het boek kost rond de 9 euro, dus voor de prijs hoef je het niet te laten. Er is zelfs een luisterboek van! Het boek ‘Het wonderbaarlijke voorval met de hond’ in de nacht kun je hier bestellen.
Het boek ben ik aan het herlezen en natuurlijk ga ik er een review over schrijven. Het boek is te waardvol om het niet te doen.

Een sprongetje in de toekomst

Het is 2013 en mijn jongste zoon krijgt de diagnose autisme. Eindelijk weten we wat er aan de hand is. Een paar jaar eerder hadden we hem al laten onderzoeken door jeugdzorg. Toen kwam er niets anders uit dan ‘houdt hem maar in de gaten, want zijn gedrag kan wel eens voortkomen uit faalangst’.
Wanneer de juf van groep 7 vertelt dat hij achterblijft in zijn sociale ontwikkeling, gaan we weer de mallemolen in. En ja hoor: klassiek autisme. En dan vraag je je af: waar heb ik het gemist?

En toen?

Natuurlijk ben ik er vol ingegaan, ik wilde meer weten en daarna nog meer.
Toen de pubertijd er bij zoonlief nog een schepje bovenop deed, kregen we professionele hulp van Autimaat, een erkende GGZ instelling. En of we dat goed konden gebruiken! Een puber met autisme en je hebt een uitdaging in het kwadraat.

De Geef-me-de-5-methode van Autimaat, kende ik al uit de gehandicaptenzorg. Het praktische van deze methode sprak mij enorm aan. En nog trouwens. We kregen ambulante begeleiding en volgden een cursus. En zoonlief? Die vond het wel prettig dat wij leerden om hem beter te begrijpen. Daarom mochten we ook filmpjes van hem maken, die we nodig hadden voor de cursus.
Ik ging hem steeds beter begrijpen en werd zijn tolk. Samen werden we ouder en wijzer. Niet dat hij het nu altijd met mij eens is of dat ik hem altijd feilloos begrijp. Maar ik herken wanneer het fout gaat, wat ik dan het beste kan doen en welke vragen ik moet stellen.

KvK: Joyce Heijnsdijk Ontwikkel Buro

Ik wilde al langer voor mezelf beginnen. Je overweegt dan van alles en uiteindelijk heb ik die afspraak bij de Kamer van Koophandel gemaakt (viel reuze mee trouwens) en ben ik begonnen met mijn buro.
Niet dat ik een duidelijke focus had, welnee die is later pas gekomen. Deels door persoonlijke ervaringen met jongeren en hun geworstel met studiekeuzes en studeren. (We hebben 3 zoons met een flinke vriendenkring) En deels doordat ik veel ging lezen over autisme, passend onderwijs en thuiszitters. Steeds meer raakte ik ervan overtuigd wat mijn missie is:

Jongeren met autisme een mooie start meegeven waarmee zij vanuit eigen regie zelf hun keuzes kunnen maken.

Nog voor ik voor mezelf begonnen was, had ik de training TMA Professional gedaan. TMA staat voor Talenten Motivatie Analyse. Het is een methode en met een instrument: de Talentenscan. Ik vind het echt een gaaf instrument dat je zóveel brengt. Drijfveren, talenten en competenties. En het geeft woorden waar je die zelf niet zo makkelijk bedenkt. Dus ja, natuurlijk wil ik dat inzetten voor jongeren met autisme.
De Talentenscan vond ik minder geschikt voor jongeren tussen 14 en 17 jaar. Maar daar heb ik een ander mooie test voor gevonden. Dat is de TalentFocus. Die kan ik ook inzetten voor jongeren die een profielkeuze willen maken. En zo breid ik mijn gereedschapskist verder uit en kan ik steeds meer jongeren een traject op maat bieden.

De plannen

Dit jaar wordt het 5e jaar met JHob en het wordt een jaar van knopen doorhakken en focussen. Net opgestarte samenwerkingsverbanden ga ik verder uitdiepen en ik heb een tof tussenjaar programma ontwikkelt voor het schooljaar 2021-2022. Een programma waar je echt wat aan hebt. Aanmelden kan al!

Naast lezen, houd ik ervan om die opgedane kennis te delen. Dus ben ik reviews gaan schrijven over boeken die Autisme als thema hebben.
Klik hier en je komt op een overzichtspagina met de reviews die ik tot nog toe heb geschreven. Als alles goed gaat, komen er meer. Dat kan ik je alvast wel beloven.

Ik geloof dat het wel duidelijk is dat het autistisch brein mij boeit. Ik ben er iedere dag mee bezig. Zowel in mijn gezin als binnen mijn buro. I Love It! Ga met mij in gesprek en ik kan je talloze treffende voorbeelden noemen hoe het autistisch brein werkt. En ik houd ervan om gedrag te goed te ‘bekijken’ en te verklaren vanuit dat autistische brein.
En dan is het gedrag vaak heel logisch.

PS: Wat vind je van mijn missie? Zet het gerust in een reactie, word ik blij van!

Van boeken lezen leer je ontzettend veel. Daarom doe ik het ook zo graag. Om jullie mee hierin mee te nemen schrijf ik reviews. Dit keer een review over Zondagsleven van Judith Visser. Judith heeft ruim 10 boeken op haar naam staan. Zondagskind en Zondagsleven gaan over haar leven als vrouw met autisme.

Toen ik in 1989 begon als leerling verpleegkundige in de zorg gehandicaptenzorg, wilde ik al meer lezen over Autisme. Ik vond het zo’n boeiend onderwerp! Het enige boek dat ik destijds kon vinden over autisme, was een boek, geschreven door een moeder. De titel ben ik helaas vergeten.

Het boek ging over haar zoektocht met haar autistische zoon. Ik weet nog goed dat het boek echt indruk op mij maakte. Moeder beschreef momenten waarin zij machteloos en boos, schreeuwde tegen haar kind, omdat hij anders niet op haar reageerde. Ze schaamde zich daar ook voor.
Aan het eind van het boek is de jongen volwassen en schrijft hij zijn over dat schreeuwen: ‘Pas als mijn moeder tegen me schreeuwde, drong ze tot me door’.
Precies deze passage heeft ervoor gezorgd dat ik genuanceerd naar gedrag ben gaan kijken. En 30 jaar later doe ik dat nog steeds.

Judith Visser

Er is intussen veel geschreven over autisme. Vaak door professionals of door ouders. De laatste jaren komen er gelukkig meer boeken op de markt die geschreven zijn dóór mensen met autisme. Boeken zoals Zondagsleven, geschreven door Judith Visser.

Eerder schreef ze Zondagskind (2018). Een boek waarin ze beschrijft hoe het voor haar was om als kind op te groeien met autisme. Ze was eigenlijk niet van plan om een vervolg te schrijven. Ze zegt er dit over:”Toen ik het boek eenmaal had geschreven, kwam er voor mij een duidelijke punt achter het verhaal. Het bleek echter een komma”.

Hoe gaat het verder met Jasmijn?

Haar lezers wilden weten hoe het verder ging met Jasmijn Vink. (De hoofdpersoon kreeg een naam met dezelfde initialen als Judith zelf heeft) Hoe was het haar gelukt om een leven te leiden dat bij haar paste? Hoe lukt het haar om als volwassene overeind te blijven? Het hebben van autisme is geen successtory, het gaat namelijk niet over als je eenmaal een beetje je weg hebt gevonden. Judith schrijft in haar nawoord: ‘Autisme is iets blijvends en het is noodzakelijk een manier te vinden om je leven daar zo goed mogelijk op af te stemmen’. Vandaar toch een vervolg.

Rinkelende telefoons, felle lampen, rumoerige collega’s én haar hond mag niet mee. Voor Jasmijn Vink is het dagelijkse kantoorleven een ware beproeving. Ze wil schrijfster worden. Maar hoe kun je schrijven als je doodop uit je werk komt en je vrije dagen nodig hebt als hersteltijd? Jasmijn bedenkt een plan en creëert tijd om te schrijven. Ze vindt uiteindelijk een uitgever die haar boek wil publiceren. Terwijl zij schrijft, lees je mee wat er nog meer gebeurd in haar (liefdes-)leven.
De ondertitel van het boek is vast niet voor niets ‘Liefde in tijden van autisme’.

Een passage uit het boek: (Jasmijn heeft haar vriend Nick aan de telefoon)
‘En als je ze nou vertelt dat je autisme hebt? Dat het voor jou gewoon bijna niet te doen is om langer dan een paar minuten in zo’n kantine te zitten? Dan hebben ze tenminste een verklaring voor jouw gedrag’.
‘Nee.’

‘Ik bedoel maar-’
‘Het gaat ze geen bal aan.’
‘Maar het zou voor jezelf misschien een hoop dingen makkelijker maken. Denk je zelf ook niet?’
‘Nee, ik snap niet hoe jij daar zo zeker van kunt zijn. Ik denk juist dat ze me dan helemaal niet serieus meer nemen. Dan ben ik ineens die debiel van de receptie. Daar zit ik echt niet op te wachten’.

Ik zou me niet op andere gedachten laten brengen. Het was niet dat ik me voor mijn autisme schaamde, maar ik vond het iets persoonlijks. En persoonlijke dingen deelde ik niet met mensen bij wie ik me niet thuis voelde. Misschien dat ik het op een dag aan Gisella zou vertellen. En wellicht ook aan Tim. Maar de rest?
Die mochten wachten tot mijn boek er was.

Geen roman maar een autofictie

Hoewel Zondagsleven autobiografisch is, is het geschreven als een roman. Deze roman is gebaseerd op het leven van Judith Visser, het is een Autofictie. Het leest dan ook heel prettig. Hoe Jasmijn haar autisme ervaart, is hoe Judith haar autisme ervaart. Met het grote verschil dat Judith haar diagnose kreeg toen ze 36 was.

In het nawoord schrijft Judith: ‘Autisme is niet het einde van de wereld. Het is een ándere wereld’. Meer begrip en meer ruimte voor mensen die in een andere wereld leven, is wat Judith wil bereiken met haar boek.

Conclusie

Review van het boek Zondagsleven van Judith Visser

Niet iedereen met autisme ervaart de wereld zoals Jasmijn. Ieder persoon met autisme is anders, weet ik uit ervaring. Maar het is een boek dat een treffend inkijkje geeft in het leven met autisme. Verder vind ik het boek bijzonder prettig lezen. Het is echt een aanrader als je meer wilt weten over vrouwen met autisme en tegelijk lekker ontspannen een boek wilt lezen.

Echt een boek om zelf te hebben. Het boek kun je hier bestellen.
Wil je meer weten over wie ik ben en wat ik doe? Klik dan hier

ps: Kijk even naar mijn logo en dan weet je waarom de kaft van Zondagsleven mij aanspreekt.

Laatst reageerde ik via Instagram onder een post van Coachwereld. En vervolgens kreeg ik om een uur of 9 ’s avonds de vraag of ik een gastblog wilde schrijven voor hun website. De blog zou moeten gaan over thuiswerken in deze 2e Lock down en de balans vinden tussen werktijd en vrije tijd. Daar heb ik de nodige ervaring mee. Dus ja, dat wilde ik wel doen.

De blog zoals die is gepubliceerd op de website van Coachwereld met hier en daar een ieniemienie verbetering. Ik kon het niet laten 😉

We zijn in Lock down en Het Grote Thuiswerken is weer begonnen. En jij denkt: ‘Ze zoeken het maar uit. Ik kruip lekker in mijn jogging broek en hoodie op de bank. Laptop op schoot.’ En je gaat je mailbox te lijf of fijn aan het werk met het verslag dat je moet schrijven.
Of toch niet?

Het lijkt een goed idee, maar doordat je vrijetijdskleding aanhebt en op de bank genesteld zit, denkt je brein dat je vrij bent. Met als gevolg dat je brein denkt dat je overwerkt. En dat is nu net wat we niet willen.  
Maar wat dan wel? Hoe kun je nu op een prettige manier thuiswerken, zodat werk en vrije tijd in balans is?
Ook ik werk sinds de eerste Lock down tijd thuis. Om mijn werk te doen, hoef ik niet naar buiten. (Bijna jammer) En ik heb altijd deadlines! Met een gezin van 5 personen is dat best een uitdaging.
Ervaring genoeg dus en die deel ik graag met je:

Verzorg je uiterlijk

Je zult mij niet in mijn badjas aan het werk zien. No way. Dan kom ik gewoon niet in een prettige werk flow. Verzorg jezelf dus zoals je zou doen als je naar je werk zou gaan. Dus je haar lekker in model en je gewone make up. Vergeet je sieraden niet!
Als je vindt dat je er goed uit ziet, voel je je ook beter. Je moet er even de moeite voor doen maar dan heb je ook wat.

Video bellen?

Wat denk je van een plotselinge verzoek van je klant of leidinggevende om de telefonische afspraak om te zetten naar een video gesprek? Geen punt toch als je al goed verzorgt bent!
Je hoeft er niet eens over na te denken. Doordat je er niet over na hoeft te denken, kost het je ook geen energie. En zo bewaar je energie voor belangrijkere dingen.

Middle of the road

Je kleding is dus belangrijk. Trek iets aan dat passend is bij het werk dat je gaat doen. Dat zet je brein in de goede werkstand. Ook tijdens de vorige Lock down zijn deze adviezen gegeven, dus dit is niets nieuws. Nu ben ik sowieso al geen fan van joggingbroeken, want dan zie ik er echt niet uit.
Ik zoek kleding die me lekker zit en waarmee ik goed voor de dag kan komen.

Natuurlijk heb ik ook kleding waarmee ik chique de friemel een presentatie kan geven. Maar zo ga ik thuis niet achter mijn bureau zitten. Het moet wel leuk blijven. En het is ook helemaal niet nodig om in de werkstand te komen. Gewoon kleding die het midden houdt tussen casual en netjes. Een middle of the road-setje is dus goed genoeg.

Stevig in je schoenen staan

En weet je wat ook goed werkt? Je schoenen aan. Klinkt misschien gek, maar het is echt zo.

Doe je je schoenen aan dan sta letterlijk stevig in je schoenen. Zeg nou zelf, een klant gesprek voeren terwijl je op je sloffen loopt, geeft toch een heel andere energie dan wanneer je schoenen aan hebt.
Laat staan dat je onderuitgezakt in je joggingbroek met je laptop op de bank zit en je krijgt een telefoontje van een klant. Merk je wat er dan gaat gebeuren?
De eerste seconden ben je bezig met overeind komen en schakelen naar een actieve houding. Je moet jezelf bijna letterlijk en figuurlijk bij elkaar rapen. En dat schakelen kost je extra energie. Geen wonder dat je na een thuiswerkdag vermoeider bent, dan na een werkdag op kantoor.

De balans

Wanneer er verschil zit in je houding, kleding en schoeisel dat je tijdens je werktijd draagt en in je vrije tijd, dan is het vinden van een balans tussen werktijd en vrijetijd makkelijker.

Bedenk eens wat je normaal gesproken doet als je van je werk komt. Schop je je schoenen uit en schenk je jezelf iets te drinken in? Kleed je je om en trek je iets makkelijks aan? Doe dat nu dan ook.
Je pelt letterlijk je werkdag van je af.

Voor mij geldt; Einde werkdag: schoenen uit en pootjes op de bank. Iets te drinken erbij en even met mijn partner de dag doorspreken. Héérlijk vind ik dat. Nu heb ik het geluk dat mijn partner meestal kookt, dus dat half uurtje gebruik ik om even tot mezelf te komen. Even loskomen van het werk en ontspannen.

Joggingbroek aan terwijl je werkt

Op zaterdag mag het.
Je kunt je joggingbroek ook vóór je laten werken. Bijvoorbeeld als je op zaterdag iets wilt afmaken, omdat je eerder in de week ervoor gekozen hebt om een spelletje te spelen met je kids of te wandelen met je hond.
Stuur je man en kids mét hond naar buiten en als je dán in je joggingbroek met je laptop op de bank gaat zitten, is het juist wel een goed idee.
Je brein registreert de situatie als ‘vrij’ en zo ervaar je dit stukje werktijd meer als weekend. Je komt zo toch een beetje tot rust. Hoewel het natuurlijk altijd beter is om volledig tot rust te komen en zelf ook lekker naar buiten te gaan.

Maar hé, vind jij dat je er op je voordeligst uitziet in je joggingbroek en je hoodie? Werk je dan het lekkerst? Dan moet je dat vooral lekker doen. Wie ben ik om te zeggen wat jij moet doen? Zolang je de balans maar in de gaten houdt.

Positieve boost

Positief blijven denken

Voor wie op dit moment flink baalt van het thuiswerken, nog even wat positieve punten over thuiswerken:

  • Een bad hair-day ziet niemand
  • Bedenk eens hoe fijn het is om niet in het donker in de auto te hoeven stappen.
  • Je hoeft je autoruiten niet te krabben
  • Geen trein die je mist, omdat je je fiets niet kwijt kon in het fietsenrek
  • Je hoeft je handen niet te ontdooien omdat je een half uur in de kou hebt moeten fietsen
  • Je kunt je werktijd zelf inplannen, denk aan ’s morgens tussen 5 en 7 uur of ’s avonds als de kids op bed liggen.
  • De koffie (of thee) is fantastisch
  • Lunch is super goedkoop
  • Je band met je kids  groeit mega met de aandacht die ze van je krijgen
  • Geen geroddel door collega’s
  • Je hoeft niet te zoeken naar een flexplek
  • Je weet precies wie het laatste printerpapier heeft gebruikt en niet heeft bijgevuld 😉

en last but not least:

  • Géén files en je bent vóór het donker weer thuis!!

Tot zover de blog voor Coachwereld. En wat een goede marketings-actie van hen om mij te vragen voor die gastblog. Ik kende hun site nog niet en het blijkt een platform te zijn waar je als coach lid van kunt worden. Zij verdienen aan mijn lidmaatschap en ik vergroot mijn vindbaarheid.
Ze zijn niet al te duur……toch maar lid worden dan?

Hoe heb jij mij gevonden? Zet het in een reactie. Dan kan ik bepalen of ik een platform zoals Coachwereld nodig heb. Vast bedankt!

Wil je af en toe de inspiratiebrief ‘Ontwikkeldingen’ ontvangen, meld je dan aan via het contactformulier

Haar Instagram post over de KRACHTplanner maakte mij meteen nieuwsgierig. Céline is Autismecoach en heeft een praktische planner ontwikkeld. Zou dit iets voor mij zijn? Zou het iets zijn voor de jongeren die ik coach?

Céline is in 2017 afgestudeerd als Forensisch Orthopedagoog en zelfstandig gecertificeerd Autismecoach bij AutismeKRACHT.  Céline is tevens ervaringsdeskundige op het gebied van autisme.

Ik volg op Instagram diverse ervaringsdeskundigen en autismecoaches. Je kunt tenslotte altijd van elkaar leren, nietwaar?! De post die Céline onder @autismekracht plaatste, wekte mijn nieuwsgierigheid. Een planner die extra geschikt zou zijn voor mensen met autisme. En ik werd extra nieuwsgierig omdat er verschillende varianten zijn van de Krachtplanner. Eén met data en één zonder data. Dat wil zeggen dat er één planner is waarbij je zelf de datum op een bladzijde kunt zetten. Dat leek me ook wel wat voor mezelf.
Dus ik bestelde een KRACHTplanner zónder data.

Planners & ik

De afgelopen jaren heb ik wel vaker een mooie planner gekocht. Ik ben namelijk dol op mooie agenda’s met positieve quotes en kleine opdrachtjes waardoor ik mijn doelen beter formuleer en mijn successen kan vieren.

En toch werd het niks tussen die planners en mij. Ik vul ze niet consequent in. Ik vind ze namelijk te groot om mee te nemen. (Ik sjouw me altijd al een breuk als ik les ga geven) Een grote planner blijft dus thuis, met als gevolg dat niet al mijn afspraken in die planner terecht komen.
En om niets te vergeten, gebruik ik dus de agenda op mijn mobiel. Lekker makkelijk en altijd bij je. Maar een goed overzicht krijg je er niet mee.

Als ik weer eens een mooie planner gekocht had, begon ik iedere keer enthousiast en vol goede moed. Zelfs vóór 1 januari had ik al van alles ingevuld. Tot en met maart ging het dan redelijk. Daarna werd het snel minder en vanaf mei bleef de planner grotendeels leeg. En in september kwam de planner helemaal de kast niet meer uit.

Dus toen Céline in haar Instagram post schreef over een planner zonder data, wilde ik daar meer van weten omdat,
– ik wilde kijken of ik in deze planner in september gewoon weer verder kan, ook al heeft het bijhouden een poos heeft stilgelegen,
– Céline aangaf dat dit een planner was die rustig oogt. Dus een planner zonder poespas en afleiding,
– ik wilde weten of deze planner iets is voor jongeren met autisme.

Over de planner

De planner is alles wat Céline zegt dat hij is. Overzichtelijk, ruim opgezet en gemaakt van stevig materiaal. De ringband vind ik heel fijn om de planner goed open te kunnen vouwen. Zo neemt hij minder ruimte in op je bureau. Zodra je de planner openslaat, kom je allereerst een stukje tekst tegen over het waarom van de planner. De pagina’s erna geven uitleg over hoe de planner te gebruiken is. Je kunt zelfs een QR code scannen voor het filmpje met de uitleg. Je vindt filmpje ook onderaan in deze review.

Op blz 8 van de planner vind je een ruim opgezet overzicht met alle vakanties en feestdagen. Zelfs met de data van het begin van de zomertijd en het begin van de wintertijd. Daar hoef je dus niet meer naar te zoeken.

Verder is de planner opgedeeld in 12 delen (maanden) met ieder een eigen thema. De tips in de linkerkantlijn hebben steeds betrekking op het thema van de maand. Thema’s zijn bijvoorbeeld relaties, overzicht houden en dankbaarheid. Alles is fijn positief geformuleerd en daar houd ik van.

Voor jongeren

De planner is natuurlijk goed om te gebruiken om je afspraken in te noteren. Maar de planner is juist goed bruikbaar om overzicht te houden over al je activiteiten. De maandoverzichten zijn ideaal hiervoor. Op deze manier heb je een goed beeld over drukke en minder drukke periodes. En kun je dus makkelijker inschatten of het slim is om die leuke afspraak met je vriendin volgende week in te plannen of toch liever een paar weken later.

De terugblik van de maand vind ik een extra mooi onderdeel. Ook al heb je niet dagelijks of wekelijks je successen genoteerd of opgeschreven waar je van genoten hebt. Wanneer je het item ‘terugblik van de maand’ gaat invullen en je bladert terug door je planner, hoop ik dat er vanzelf herinneringen terugkomen van mooie momenten en successen die je kunt vieren. En voldoende voor een tentamen, een leuk afspraak met een vriend of een fijn gesprek dat je hebt gehad met je ouders.

Positieve taal

De positieve taal die Céline gebruikt heeft, vind ik heel erg fijn. Niet alleen voor mezelf maar voor iedereen die het lastig vindt om de positieve kanten te zien. Door je dagelijks te omringen met positieve taal helpt dit je om ook positiever te gaan denken. Over jezelf en over de wereld om je heen. Dus kun je naast een praktische agenda ook fijne tips en wat positiviteit gebruiken? Dan kan ik je de KRACHTplanner zeker aanraden.

Wat niet?

Céline beschrijft op de eerste bladzijde van de planner waaróm ze de Krachtplanner heeft ontwikkeld. Ze geeft aan dat ze verschillende facetten van andere agenda’s heeft willen onderbrengen in één agenda. En wel zo dat het niet te druk wordt. Dat is volgens mij goed gelukt.
Deze planner heeft dus een aantal dingen niet:
– De KRACHTplanner is niet multicolor.
– Heeft geen plaatjes, foto’s of andere opsmuk
– Geen stickervel met hartjes, pijltjes en andere miniplaatjes.
En de KRACHTplanner heeft geen elastiek of koord dat je als boekenlegger kunt gebruiken. Dit laatste zou ik juist weer wel een toevoeging hebben gevonden.

Past de planner bij mij?

Als ik de planner zo bekijk, past deze zeker bij mij. Doorgaan nadat het invullen een poos heeft stilgelegen, kan prima. Doordat je zelf de datum invult, kun je gewoon verdergaan waar je gebleven bent. Er hoeft dus geen bladzijde verloren te gaan. Je moet het alleen niet erg vinden dat het jaaroverzicht alleen geldt voor het jaar 2020-2021.

Aanvullingen

Als je mij om een tip zou vragen, dan zou ik zeggen;
Doe er 2 jaaroverzichten in. Of laat het jaaroverzicht een half jaar langer doorlopen. Dat zou ook kunnen.
En een tweede tip: een elastiek of koord als boekenlegger, zou ik zelf wel heel fijn vinden. Dan ben je in een handomdraai daar waar je gebleven bent en hoef je niet te bladeren.

Conclusie

Ik vind het een Top planner voor mensen die duidelijkheid en overzicht willen hebben. De rustige uitstraling is erg prettig. Hoe leuk al die andere planners er ook uitzien.
Ik ga de planner zeker zelf ook gebruiken.

Wil je een planner bestellen? Dat kan voor € 26,90  exclusief verzendkosten. Bestel de KRACHTplanner via de website van Autismekracht.  Je krijgt een bevestigingsmail waarna je kunt betalen. Daarna is je bestelling definitief.
Bestel, betaal en je krijgt de planner thuisgestuurd.

Heb jij meer nodig dat een planner om alles rondom je studie te plannen en te organiseren? Vind je het schrijven van smart-doelen een gedoe?
Als je wilt, help ik je ermee. In een coachtraject formuleren we jouw doel en help ik je om dat doel te bereiken. Vul het contactformulier in en ik mail je voor een kennismaking. Online, telefonisch of we ontmoeten elkaar ergens; Jij kiest.

Wil je meer reviews lezen? Je vindt ze hier

Heb je een boekentip voor mij of wil je een mening geven over deze review? Laat dan hieronder een reactie achter

Autisme: dat is toch dat je supersnel kunt uitrekenen dat 7 augustus 1984 op een dinsdag viel? Nou…nee. Bianca Toeps heeft zelf autisme en ze legt in haar boek haarfijn uit wat autisme is en wat het betekent als je autisme hebt.

‘Maar je ziet er helemaal niet autistisch uit’ is een boek óver Autisme dóór iemand met Autisme. Er wordt nog altijd veel over ons gepraat maar weinig naar ons geluisterd, schrijft Toeps.
Ze beschrijft in het kort wat autisme inhoudt volgens de DSM-5. Dit staat voor De Diagnostic ans Statistical Manual of Mental Disorder, editie 5. Of zoals Toeps het zegt: het Grote Jonge Woudlopers Handboek, maar dan voor psychiaters.

Toeps schrijf luchtig over een pittig onderwerp. Ik vind het dan ook een zeer leesbaar boek dat ik anderen zeker kan aanraden.
‘maar je ziet er helemaal niet autistisch uit’ is een autobiografisch boek dat Toeps aanvult met weetjes en stukjes wetenschap. Haar eigen mening klinkt er duidelijk in door.
Wat mij betreft is dat zeker geen probleem maar wil je precies weten wat de wetenschap inhoudt, dan kun je je daar zelf nog in verdiepen.

De discutabele geschiedenis van Meneer Asperger

In de DSM-4 werd er onderscheid gemaakt in verschillende vormen van autisme. Zoals het syndroom van Asperger. Mensen met een hoger IQ en in combinatie met autisme kregen de diagnose Asperger. Dit was mij wel bekend. Maar wie Meneer Asperger nu eigenlijk was, wist ik niet. Hij blijkt een kinderarts in de tijden van nazi-Duitsland te zijn geweest. En die, helaas maar waar, gebruikte kinderen met autisme voor zijn onderzoek.
Toeps geeft aan inmiddels de term Asperger niet meer te willen gebruiken en daar sluit ik me helemaal bij aan.

School

All was well, schrijft Toeps. Totdat ze naar school moet. Ze beschrijft één van haar herinneringen waarin ze zich totaal onbegrepen voelde:
Jullie zitten in groep 1, dus jullie kunnen niet schrijven…’,zei de juf op een dag. ‘Ik kan wel schrijven!’, riep ik. ‘Niet zoals het hóórt’, zei de juf, ‘dus jullie krijgen nu allemaal dit geprinte label, om op jullie geknutselde boekje te plakken.’ Ik was boos. Voelde me gekwetst, niet gezien. Ik had er helemaal geen zin meer in. Dat stomme boekje. Ik plakte het label erop, ondersteboven, omdat ik mentaal al was uitgecheckt en daarom niet doorhad dat het boekje verkeerd om voor me lag. ‘Je label zit fout , Bianca!’ mopperde de juf. ‘Zie je nou wel dat je niet kunt lezen en schrijven?’
Je begrijpt wel dat ik boos thuiskwam die dag.

Tokio

Bianca Toeps is ieder jaar een paar maanden in Tokio. Ze vertelt in haar boek waarom ze zich daar zo prettig voelt. Het cultuurverschil is groot en dat bevalt haar goed. Ze beschrijft dat in tegenstelling met New York, in Tokio mensen je niet aanstaren. Eigenlijk dat in Tokio alles rustiger is dan elders. En ja daar is ze vreemd. Maar meer vanwege haar Europese voorkomen dan iets anders. ‘Landen en culturen leerden me dat ik kan kiezen te zijn, waar ik me het meest comfortabel voel,’ schrijft ze. Als jongerencoach vind ik dat natuurlijk een ontzettend mooie ontdekking.

Acht dingen die Bianca Toeps niet meer wil horen:

Aan het eind van het boek beschrijft Toeps acht dingen die ze niet meer willen horen:
1. Maar je ziet er helemaal niet autistisch uit
2. Weet je zeker dat je geen nieuwetijdskind bent?
3. Heeft je moeder je genoeg liefde gegeven?
4. Ik hang altijd mijn overhemden op kleur, ik ben zó autistisch!
5. Iedereen wil tegenwoordig maar een labeltje
6. Ik geloof niet in labels, jij bent gewoon jij!
7. Je bent geen autist, je hebt au-tis-me
8. Het komt vast door de vaccinaties

Ze legt ook uit waarom ze deze 8 punten niet meer wil horen. Maar dat moet je zelf maar gaan lezen. Bestellen kan hier bij Bol

Het is een fijn boek dat ik met veel plezier gelezen heb. Ik wilde weten hoe Bianca Toeps, als vrouw met autisme, verschillende situaties ervaart. en ik was benieuwd naar de voorbeelden die ze zou gebruiken. En ik was benieuwd naar de tips die ze zou geven. Het mooie van het boek is ook dat ze niet alleen haar verhaal beschrijft maar ook het verhaal van twee andere vrouwen met autisme. Je krijgt zo een breder beeld van vrouwen met autisme.
Heel handig voor mij als jongerencoach en als moeder in een mannengezin waar autisme een belangrijke rol speelt.

De titel

De titel van het boek viel mij ook op. ‘maar je ziet er helemaal niet autistisch uit’. Zonder hoofdletter M, en dat intrigeert mij dan ook weer maar dat terzijde. Uit ervaring weet ik dat autisme geen ‘gezicht’ heeft. Hoe ziet autisme er uit? Als Dustin Hoffman in Rainman? of als Jim Parsons als Sheldon Cooper in The Big Bang Theorie? Wat een onzin.
Mijn jongste zoon heeft klassiek autisme en is gewoon een vlotte knul om te zien met een leuke smaak over mode. Je ziet absoluut niet aan hem dat hij autisme heeft. Dat is zowel fijn als niet fijn. Hij is op school vaak overschat en dat heeft tot de nodige hindernissen geleidt.
Ik vermoed dat als je tegen hem zegt dat hij er niet autistisch uitziet, dat hij dat als een compliment beschouwt.
Realiseer je dan wel dat áls je dat zegt, dat jij blijkbaar een vooroordeel hebt over hoe autisten eruit horen te zien.

Onlangs heb ik Zondagsleven gelezen, van de schrijfster Judith Visser. Ook weer een mooi boek. De review over Zondagsleven lees je hier.

En verder

Ben je op zoek naar een coach? Iemand die je kan ondersteunen bij het zoeken naar een studie, het onderzoeken van talenten of coachen bij een sollicitatie? Ik help je graag. Stuur me een bericht via het contactformulier.

Als je wilt, volg mij dan op Facebook en LinkedIn

In een eerdere review schreef ik over Prinses Anna. Draaikolken in Luna’s hoofd is ook een boek van schrijfster Colette de Bruin. Het gaat over Luna en de draaikolken in haar hoofd, veroorzaakt door teveel prikkels en openstaande mapjes. (Wat dat zijn, lees je in het boek) Waar Prinses Anna in de blote billen bedoeld is voor jongere kinderen, is Draaikolken in Luna’s hoofd bedoeld voor iets oudere, basisschoolkinderen. Het is het eerste boekje in de streepjesserie van Geef me de 5

Colette de Bruin ontwikkelde de methode Geef me de 5. Een methode die is ontwikkeld voor mensen met autisme, maar kan ook breder ingezet worden. Bijvoorbeeld wanneer je wat meer behoefte hebt aan structuur en duidelijkheid.

Het boek is onderverdeeld in 3 delen, aangegeven door een tussenblad met de titel. Het lijkt me prettig lezen voor een kind met autisme. Zo heb je bij het omslaan van de bladzijde even de tijd om te schakelen. De vrolijke illustraties zijn van Lars van Schagen.

Over Luna

Als iets nog niet duidelijk is voor Luna, blijft ze er maar over nadenken. Haar hoofd raakt overvol van allerlei gebeurtenissen op een dag. Zo vol dat niets meer lukt. Luna is een meisje van een jaar of 9. Tenminste, zo schat ik haar in. Op een vrijdag komt ze boos uit school, gooit haar tas naar haar moeder. Gelukkig kent moeder dochterlief en ze wordt niet boos. Luna rent naar huis. Bij thuiskomst geeft moeder haar dochter Luna de gelegenheid om tot rust te komen. En pas daarna gaat ze met Luna aan de slag.

Informatie-verwerkingsstoornis

Het boek is informatief en leuk om te lezen. Het geeft een inkijkje hoe het autistisch brein werkt wanneer de informatie niet goed verwerkt kan worden. Autisme is een informatie-verwerkingsstoornis. Kortgezegd betekent dit dat informatie verwerken bij iemand met autisme op een complexe manier verloopt. Dat is bij Luna ook zo. Luna heeft hulp bij nodig bij het herkennen en duiden van situaties, haar gevoelens en wat die met haar doen. Die hulp krijgt ze van moeder. Ze leert hoe ze haar emoties kan herkennen en waar ze die voelt in haar lichaam. Samen vullen Luna en haar moeder de emotiemeter in. De emotiemeter helpt Luna om aan te geven op welk level ze zit van ontspannen naar zeer boos. En bij zeer boos heeft Luna geen vat meer op haar gedrag.

Dit is iets wat meer mensen met autisme kennen. Wanneer de meter overloopt wordt de één boos en uit dat bijvoorbeeld door schelden en ruziemaken. Maar de ander wordt juist stil en trekt zich terug. Luna’s moeder heeft een aanpak die werkt.

Aan het eind van het boekje vind je een hoofdstuk ‘over dit boekje’ waarin Colette de Bruin uitleg geeft. Ze geeft uitleg over de kenmerken van problemen met de informatieverwerking. Autisme is tenslotte een informatie-verwerkings-stoornis. Een vol hoofd hebben is zo’n kenmerk.

De emotiemeter

De emotiemeter kan een heel handig hulpmiddel zijn. Bijvoorbeeld als een kind met autisme nogal eens boos of driftig kan zijn of als het zich juist terugtrekt. Ook dat kan een teken zijn van een vol hoofd. Een emotiemeter kun je eenvoudig zelf tekenen. Maar je kunt er ook eentje gratis downloaden via de webshop van Geef me de 5 Er zijn ook downloads beschikbaar voor pubers zoals het Afsprakenblad en Gamen duidelijk op de 5.

Deel 3 van de streepjessersie gaat over Bram. En heet: Bram kan het zelf.
Draaikolken in Luna’s hoofd bestel je hier

Wil je meer van mij of JHob zien? Ik ben ook te vinden op Facebook en LinkedIn